Inhoud
De Steenwaard is een uiterwaarde aan de noordzijde van de Lek ter hoogte van Culemborg. Deze uiterwaarde maakte onderdeel uit van het gerecht Honswijk. Steenwaard was van strategisch belang voor de stad Culemborg.
Kenmerkend voor deze uiterwaarde is dat de Lekdijk ver van de rivier af ligt. Oorzaak is dat het een binnenbocht van de rivier is, een kronkelwaard. Het gebied kende diverse geulen, waaronder de Botterdip. Dit was een watergang direct onder de voet van de Lekdijk. Rond 2001 is de uiterwaarde afgegraven en opnieuw ingericht.
Opkomst Culemborg
Wanneer in de 13e eeuw de macht van Ten Goye verzwakt en het gouw Lek en IJssel in de verkoop gaat, ontstaan langs de Lek diverse nieuwbouwstadjes. Ook de bisschop van Utrecht kan dit niet voorkomen. Met name Culemborg en Vianen zijn daar voorbeelden van, die de zuidkant van de huidige gemeente Houten raken.
Deze steden hadden belang bij invloed op de noordoever van de Lek. Culemborg was daarom in de 14e eeuw aanwezig in ’t Goy, Pothuizen, Schalkwijk, Schonauwen en Honswijk, terwijl Vianen zijn invloed beperkte tot ’t Waal en Tull. Honswijk was voor Culemborg van strategisch belang, omdat het aan de overkant van de rivier lag. Lange tijd maakten Culemborg en de Staten van Utrecht ruzie over wie de baas was in Honswijk. Daarbij hadden de Staten van Utrecht vooral belang bij een goede staat van de Lekdijk.
Cuylenburgse Weert
Wanneer in de 16e en 17e eeuw Culemborg steeds meer invloed in Utrecht verliest, trekt het zich terug. Alleen de Cuylenburgse Weert blijft in Culemborgse bezit. Vanuit de Staten van Utrecht wordt dit geaccepteerd, omdat vooral de Lekdijk belangrijk was dan de uiterwaarde. Op de Nieuwe Kaart van den Lande van Utrecht van Bernard du Roy, versie 1696 staat dit gebied zo genoemd. Een naam die in 1864 op de militaire kaart TMK ook nog in gebruik is.

De Cuylenburgse Weert bestaat uit meerdere uiterwaarden, waaronder De Steenwaard er één van is. De naam den Steenweerdt komt in 1615 al voor. De Cuylenburgse Weert mag dan van strategische belang zijn voor de stad Culemborg, het is wel buitendijks land en staat regelmatig onder water.
Wie de oude kaarten bekijkt, ziet dat de grens met Utrecht regelmatig wisselt. Mogelijk omdat de tekenaars niet goed op hoogte waren waar deze precies liep. Immers het waren tekenaars die heel Utrecht of een flink deel in kaart brachten en je kan nu alles weten. In 1773 is de uiterwaarde aan Utrecht toegevoegd. In 1793 weer aan Culemborg en volgt de grens de Boterdip, een geul direct onder de Lekdijk. In 1798 het heerlijk recht wordt afgeschaft. Steenwaard komt dan toe aan de mairie Tull en ’t Waal.
De Steenwaard
In De Steenwaard liep een kade, de kaijdijck. Die begon bij Landlust en volgde de zomerdijk, om uiteindelijk naar de Lekdijk af te buigen. Landlust is een boerderij aan de Veerweg, die ook als herberg functioneerde. Landlust bestaat sinds ongeveer het jaar 1400. In Steenwaard stond ook een molen.
Bijzonderheden
Kleiwinning
In 1830 werd er klei gewonnen in de Steenwaard, dat werd gebruikt in de steenovens van Culemborg.
Spoorlijn
In de periode 1864-1868 wordt dwars door de Steenwaard de spoorlijn van Utrecht naar Boxtel neergelegd. Hierbij is de Lekbrug een bijzondere presentaties. In de Steenwaard is sprake van een lange overspanning. Bij de Lekdijk wordt een wachthuis gebouwd. In 1950 vindt er een treinontsporing plaats.
Tweede wereldoorlog
Tijdens de Tweede Wereldoorlog is de Lekbrug regelmatig doelwit van oorlogshandelingen. In 1940 vinden er gevechten rond de brug plaats en in 1944 en 1945 wordt de brug regelmatig gebombardeerd. Met kerst 1944 vond er een ramp plaats bij het veer naar Culemborg.
Voetbal
Ondanks dat De Steenwaard sinds 1812 onder de gemeente Tull en ’t Waal valt, voetbalt de Culemborgse voetbalvereniging Tonido in 1896 bij Landlust. Ook is er lange tijd een speeltuin bij Landlust, waar de Culemborgers naar toe gaan.
Natuurgebied
Sinds 2001 is De Steenwaard een natuurgebied. Het wordt beheerd door Staatsbosbeheer.
Deze pagina is gewijzigd op 10 januari 2026